Auteur Topic: Doorgeef verhaal  (gelezen 2963 keer)

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

Proserpina

Re: Doorgeef verhaal
« Reactie #15 Gepost op: 25 april 2015, 20:30:27 »
Er was eens een meisje uit een heel rijk Tovenaarsgezin...
Ze was echter ontzettend lelijk, waardoor haar ouders blij waren haar op haar elfde verjaardag op Zweinstein te kunnen dumpen.
Esther, zo heette ze, bezat echter van binnen ware schoonheid en was blij bij haar oppervlakkige ouders weg te zijn.
Al vanaf de eerste dag was Esther op zoek naar de meest perfecte spreuk die ze kon verzinnen: een die al haar minpunten zou laten verdwijnen. Om dat te doen ging zij eerst naar de Bibliotheek, waar iets verschrikkelijks gebeurde.
Het flikkerende kaarslicht gaf een angstaanjagende aanblik en wierp lange onheilspellende schaduwen tussen de hoge rijen boekenkasten, de planken kreunden zacht.
Zware laarzen stapten langzaam voor, en Esther hield haar adem in. Zou iemand haar door hebben? Welke engerd zou ze nu tegen het lijf lopen?
Ze hoorde de laarzen niet meer en ging verder met zoeken naar die spreuk tot dat er plotseling een schaduw achter haar schaduw verscheen, ze schrok.
"Wat doet u hier, juffrouw?", bulderde de stem. Esther deed haar ogen dicht, rillend van angst. De boeken trilden in de boekenkasten bij elke stap die de persoon zette. Het verontruste haar des te meer dat de stem haar deed denken aan Roy Donders.
Ester durfde zich amper om te draaien bang dat Roy Donders er in zijn Oranje pak zou staan. Maar om toch antwoord te kennen geven draaide ze zich om en wat ze toen zag, ze kon haar ogen niet geloven wat ze daar zag.
Daar stond professor Sneep, in zijn goud-met-roze-strikjes-versierde huispak. In zijn hand had hij niet zijn toverstok, maar een worstenbroodje vast.
"Maar meneer", stamelde Ester, "zijn de worstenbroodjes van de HEMA niet zaliger?"
"Niets hierover zeggen tegen Perkamentus", mompelde Sneep, en rende plomp tegen Roy Donders op.
Terwijl Sneep tegen Roy Donders opliep kwam plots ook Gerard Joling om de hoek.
'Ik rook heerlijke worstenbroodjes en daar kom ik graag een liedje voor zingen', riep Joling enthousiast
Joling ziet Sneep, nauwelijks bekomen van de botsing met Roy Donders, staan en zegt: 'Nou meneer met het lange haar, jij ziet er ook uit alsof je er geen kracht meer voor hebt'.
Sneep liet die woorden even bezinken en voelde een woede opkomen.
"Jij!", begon hij, maar hij besloot verstandig te zijn en even tot tien te tellen. Maar hoe moest dat ook alweer?
Jaarlijks breng ik de Lente, om voor de Winter weer te verdwijnen naar hem, die woont in de donkere Tartarus opdat ook daar de zon schijnt.

Emily

Re: Doorgeef verhaal
« Reactie #16 Gepost op: 28 mei 2016, 11:43:46 »
Er was eens een meisje uit een heel rijk Tovenaarsgezin...
Ze was echter ontzettend lelijk, waardoor haar ouders blij waren haar op haar elfde verjaardag op Zweinstein te kunnen dumpen.
Esther, zo heette ze, bezat echter van binnen ware schoonheid en was blij bij haar oppervlakkige ouders weg te zijn.
Al vanaf de eerste dag was Esther op zoek naar de meest perfecte spreuk die ze kon verzinnen: een die al haar minpunten zou laten verdwijnen. Om dat te doen ging zij eerst naar de Bibliotheek, waar iets verschrikkelijks gebeurde.
Het flikkerende kaarslicht gaf een angstaanjagende aanblik en wierp lange onheilspellende schaduwen tussen de hoge rijen boekenkasten, de planken kreunden zacht.
Zware laarzen stapten langzaam voor, en Esther hield haar adem in. Zou iemand haar door hebben? Welke engerd zou ze nu tegen het lijf lopen?
Ze hoorde de laarzen niet meer en ging verder met zoeken naar die spreuk tot dat er plotseling een schaduw achter haar schaduw verscheen, ze schrok.
"Wat doet u hier, juffrouw?", bulderde de stem. Esther deed haar ogen dicht, rillend van angst. De boeken trilden in de boekenkasten bij elke stap die de persoon zette. Het verontruste haar des te meer dat de stem haar deed denken aan Roy Donders.
Ester durfde zich amper om te draaien bang dat Roy Donders er in zijn Oranje pak zou staan. Maar om toch antwoord te kennen geven draaide ze zich om en wat ze toen zag, ze kon haar ogen niet geloven wat ze daar zag.
Daar stond professor Sneep, in zijn goud-met-roze-strikjes-versierde huispak. In zijn hand had hij niet zijn toverstok, maar een worstenbroodje vast.
"Maar meneer", stamelde Ester, "zijn de worstenbroodjes van de HEMA niet zaliger?"
"Niets hierover zeggen tegen Perkamentus", mompelde Sneep, en rende plomp tegen Roy Donders op.
Terwijl Sneep tegen Roy Donders opliep kwam plots ook Gerard Joling om de hoek.
'Ik rook heerlijke worstenbroodjes en daar kom ik graag een liedje voor zingen', riep Joling enthousiast
Joling ziet Sneep, nauwelijks bekomen van de botsing met Roy Donders, staan en zegt: 'Nou meneer met het lange haar, jij ziet er ook uit alsof je er geen kracht meer voor hebt'.
Sneep liet die woorden even bezinken en voelde een woede opkomen.
"Jij!", begon hij, maar hij besloot verstandig te zijn en even tot tien te tellen. Maar hoe moest dat ook alweer?
"1, 2, 4, 7, 12" telde hij natuurlijk helemaal verkeerd. "Nee, nee, zo moest dat volgens mij niet." mompelde hij zacht tegen zichzelf.

Sanjay

Re: Doorgeef verhaal
« Reactie #17 Gepost op: 09 juni 2016, 15:37:46 »
Er was eens een meisje uit een heel rijk Tovenaarsgezin...
Ze was echter ontzettend lelijk, waardoor haar ouders blij waren haar op haar elfde verjaardag op Zweinstein te kunnen dumpen.
Esther, zo heette ze, bezat echter van binnen ware schoonheid en was blij bij haar oppervlakkige ouders weg te zijn.
Al vanaf de eerste dag was Esther op zoek naar de meest perfecte spreuk die ze kon verzinnen: een die al haar minpunten zou laten verdwijnen. Om dat te doen ging zij eerst naar de Bibliotheek, waar iets verschrikkelijks gebeurde.
Het flikkerende kaarslicht gaf een angstaanjagende aanblik en wierp lange onheilspellende schaduwen tussen de hoge rijen boekenkasten, de planken kreunden zacht.
Zware laarzen stapten langzaam voor, en Esther hield haar adem in. Zou iemand haar door hebben? Welke engerd zou ze nu tegen het lijf lopen?
Ze hoorde de laarzen niet meer en ging verder met zoeken naar die spreuk tot dat er plotseling een schaduw achter haar schaduw verscheen, ze schrok.
"Wat doet u hier, juffrouw?", bulderde de stem. Esther deed haar ogen dicht, rillend van angst. De boeken trilden in de boekenkasten bij elke stap die de persoon zette. Het verontruste haar des te meer dat de stem haar deed denken aan Roy Donders.
Ester durfde zich amper om te draaien bang dat Roy Donders er in zijn Oranje pak zou staan. Maar om toch antwoord te kennen geven draaide ze zich om en wat ze toen zag, ze kon haar ogen niet geloven wat ze daar zag.
Daar stond professor Sneep, in zijn goud-met-roze-strikjes-versierde huispak. In zijn hand had hij niet zijn toverstok, maar een worstenbroodje vast.
"Maar meneer", stamelde Ester, "zijn de worstenbroodjes van de HEMA niet zaliger?"
"Niets hierover zeggen tegen Perkamentus", mompelde Sneep, en rende plomp tegen Roy Donders op.
Terwijl Sneep tegen Roy Donders opliep kwam plots ook Gerard Joling om de hoek.
'Ik rook heerlijke worstenbroodjes en daar kom ik graag een liedje voor zingen', riep Joling enthousiast
Joling ziet Sneep, nauwelijks bekomen van de botsing met Roy Donders, staan en zegt: 'Nou meneer met het lange haar, jij ziet er ook uit alsof je er geen kracht meer voor hebt'.
Sneep liet die woorden even bezinken en voelde een woede opkomen.
"Jij!", begon hij, maar hij besloot verstandig te zijn en even tot tien te tellen. Maar hoe moest dat ook alweer?
"1, 2, 4, 7, 12" telde hij natuurlijk helemaal verkeerd. "Nee, nee, zo moest dat volgens mij niet." mompelde hij zacht tegen zichzelf.
Laat ik toch maar kiezen voor de meest eenvoudige manier: 1, 10. Dat moet het hem maar doen. "Jij miezerig stukje onbenul, weet je wel tegen wie je zo'n grote mond opzet?"

Yenti

Re: Doorgeef verhaal
« Reactie #18 Gepost op: 09 juni 2016, 18:04:06 »
Er was eens een meisje uit een heel rijk Tovenaarsgezin...
Ze was echter ontzettend lelijk, waardoor haar ouders blij waren haar op haar elfde verjaardag op Zweinstein te kunnen dumpen.
Esther, zo heette ze, bezat echter van binnen ware schoonheid en was blij bij haar oppervlakkige ouders weg te zijn.
Al vanaf de eerste dag was Esther op zoek naar de meest perfecte spreuk die ze kon verzinnen: een die al haar minpunten zou laten verdwijnen. Om dat te doen ging zij eerst naar de Bibliotheek, waar iets verschrikkelijks gebeurde.
Het flikkerende kaarslicht gaf een angstaanjagende aanblik en wierp lange onheilspellende schaduwen tussen de hoge rijen boekenkasten, de planken kreunden zacht.
Zware laarzen stapten langzaam voor, en Esther hield haar adem in. Zou iemand haar door hebben? Welke engerd zou ze nu tegen het lijf lopen?
Ze hoorde de laarzen niet meer en ging verder met zoeken naar die spreuk tot dat er plotseling een schaduw achter haar schaduw verscheen, ze schrok.
"Wat doet u hier, juffrouw?", bulderde de stem. Esther deed haar ogen dicht, rillend van angst. De boeken trilden in de boekenkasten bij elke stap die de persoon zette. Het verontruste haar des te meer dat de stem haar deed denken aan Roy Donders.
Ester durfde zich amper om te draaien bang dat Roy Donders er in zijn Oranje pak zou staan. Maar om toch antwoord te kennen geven draaide ze zich om en wat ze toen zag, ze kon haar ogen niet geloven wat ze daar zag.
Daar stond professor Sneep, in zijn goud-met-roze-strikjes-versierde huispak. In zijn hand had hij niet zijn toverstok, maar een worstenbroodje vast.
"Maar meneer", stamelde Ester, "zijn de worstenbroodjes van de HEMA niet zaliger?"
"Niets hierover zeggen tegen Perkamentus", mompelde Sneep, en rende plomp tegen Roy Donders op.
Terwijl Sneep tegen Roy Donders opliep kwam plots ook Gerard Joling om de hoek.
'Ik rook heerlijke worstenbroodjes en daar kom ik graag een liedje voor zingen', riep Joling enthousiast
Joling ziet Sneep, nauwelijks bekomen van de botsing met Roy Donders, staan en zegt: 'Nou meneer met het lange haar, jij ziet er ook uit alsof je er geen kracht meer voor hebt'.
Sneep liet die woorden even bezinken en voelde een woede opkomen.
"Jij!", begon hij, maar hij besloot verstandig te zijn en even tot tien te tellen. Maar hoe moest dat ook alweer?
"1, 2, 4, 7, 12" telde hij natuurlijk helemaal verkeerd. "Nee, nee, zo moest dat volgens mij niet." mompelde hij zacht tegen zichzelf.
Laat ik toch maar kiezen voor de meest eenvoudige manier: 1, 10. Dat moet het hem maar doen. "Jij miezerig stukje onbenul, weet je wel tegen wie je zo'n grote mond opzet?"
"Tegen een rare vent met een smerig zwart haar en een haakneus, die eruit ziet alsof hij er geen kracht meer voor heeft?" zei Joling met een grijns op zijn gezicht.